Donderdag 3 september, 21:55u op NPO 3

Mijn naam is Stefano Keizers

BNNVARA

Stefano Keizers is een mysterie. Deze Nederlandse cabaretier is veelvuldig op tv te zien en iedere keer lijkt hij een totaal ander persoon. Is hij in zijn dagelijks leven ook zo extravert en verschillend of is het een personage?

De mogelijke "ontmaskering" van Stefano Keizers gebeurt in aanloop naar zij tweede theatershow. De regisseur die dit heeft aangedurfd is Lavinia Aronson, een documentairemaker die vers van de BNNVARA Academy afkomt.

Lavinia Aronson krijgt voor dit project zelfs de sleutel van Stefano Keizers appartement om hem op elk moment van de dag te kunnen overvallen. Maar dat is slechts het begin van de wilde rit. Mijn naam is Stefano Keizers geeft je een glimps van de ziel van een kunstenaar en stelt de vraag: wat houdt het in om een kunstenaar te zijn?

Regie: Lavinia Aronson

‘Zie Stefano voor wie hij is’

In gesprek met de regisseur

Tekst: Anne van Blijderveen

Documentairemaker Lavinia Aronson (27) kreeg onbegrensde toegang tot het leven van cabaretier Stefano Keizers. Waarom? Keizers wilde nu eindelijk eens weten of hij in het dagelijks leven net zo was als de personages die hij opvoert in tv-programma’s en in zijn theatershows.

De documentaire Mijn naam is Stefano Keizers is de eerste documentaire die Lavinia Aronson maakte nadat ze van de BNNVARA Academy afkwam. Hoe was deze sprong in het diepe voor haar?

Hoe ben je op het idee gekomen om Stefano Keizers te gaan volgen?
‘Mijn begeleiders bij de BNNVARA Academy, Joyce van der Zalm en Hubert van der Want, stelden het voor. Ik heb daar wel over getwijfeld hoor, want ik kende Stefano eigenlijk alleen maar van De Slimste Mens. Maar ik besloot toch in het diepe te springen omdat hij net als ik aan theater doet. Gelukkig nog wel steeds onder begeleiding van Hubert.’

Hoe heb je Stefano zo gek gekregen om zijn huissleutel aan jou te geven?
‘Nou, hij heeft mij helemaal niet zijn huissleutel gegeven. Ik wilde hem een week nadat ik de “sleutel” had gekregen om 4 uur ’s nachts wakker maken om te filmen. Maar het bleek dat het helemaal niet de sleutel van zijn appartement was. Toen hij me uiteindelijk binnenliet heb ik een slipper naar z’n hoofd gegooid en kreeg ik de echte sleutel. Maar het is niet echt nodig geweest om hem te overvallen. Hij was al heel snel heel open.’

Tekst gaat verder na afbeelding

Lavinia Aronson

Stefano is niet de meest doorsnee persoon, hoe was het om hem te volgen?
‘Ik dacht tijdens de eerste ontmoeting vooral: ‘dit wordt een uitdaging’. Maar ik vond hem ook gelijk een bijzonder persoon en dat trok me wel aan. Ik was wel benieuwd wat hij te vertellen zou hebben. Tegelijkertijd was ik ook wel bang, hoor. Want hoe de fack moest ik door hem heen gaan prikken in de documentaire? Dat was een uitdaging, maar het is me wel gelukt. We respecteerden elkaar heel snel omdat we allebei gewoon zeiden wat we vonden. Dat het zo knetterde tussen ons werkte heel goed. En ik durf nu ook wel te zeggen dat we na een jaar draaien vrienden zijn geworden.’

Wat dacht je van tevoren voor een film te gaan maken?
‘Eerst wilde ik iets heel artsy’s maken omdat ik dichtbij Stefano’s stijl wilde blijven. Maar wat me opviel was dat iedereen die ik over hem sprak zei: ‘het is gewoon allemaal een act’. Daardoor besloot ik dat ik in de documentaire wilde uitzoeken of dit daadwerkelijk zo was. Al heel snel bleek dat hij echt zo was. Toen besloot ik het nog eens te veranderen en gewoon naar hem te kijken als kunstenaar en wat het kunstenaar zijn voor hem inhoudt.’

Maar hij is wel echt heel extravert. Ik snap wel dat je als kijker kunt denken: ‘dat houdt toch niemand 24/7 vol?’.
‘Waarom is die vraag of hij “echt” zo is zo boeiend? We zijn als mens allemaal verschillend; soms ben ik heel stil, soms ben ik superluidruchtig. We hebben allemaal zo onze momenten. Wel doet Stefano er alles aan om gezien te worden en om erkenning te krijgen als kunstenaar. Want als niemand je werk ziet, dan kun je het ook niet overdragen, volgens hem. Dat gezien worden is ook heel kwetsbaar, want je draagt altijd iets van jouw visie uit en dan gaan anderen daar iets van vinden. Daar herkende ik me sterk in.’

Tekst gaat verder na afbeelding

Je spaart hem nergens.
‘Nee, maar dat heeft hij bij mij ook niet gedaan. Als hij iets niet goed vond, zei hij dat direct. Daardoor hebben we deze documentaire wel echt samen gemaakt. Hij heeft zelf ook films geregisseerd en is voor zijn werk altijd bezig met hoe mensen op hem reageren, dus soms deed hij ook wel dingen omdat hij wist dat dat goed zou werken. Maar zoals je hem ziet in de documentaire, zo is hij wel echt.’

Je hanteert een onorthodoxe interviewstijl. Heb je dit van tevoren uitgedacht?
‘Ja, in de film stelt Stefano bijvoorbeeld voor om samen te gaan boksen omdat dat mijn favoriete sport is en toen dacht ik: dan wil ik daar direct een interview aankoppelen. Boksen betekent namelijk veel voor mij en het staat naar mijn idee ook gelijk aan theater; het anticiperen, reageren, juist timen en het incasseren dat moet je ook allemaal doen in theater. Dat Stefano door de uitputting breekt tijdens dat gesprek werkt heel goed. Verder wilde ik in de documentaire graag met hem in gesprek gaan zoals ik dat ook in het dagelijks leven zou doen.’

Wat is je favoriete moment uit de film?
‘Ik vind de scène in de tram heel kenmerkend waarin hij zegt: ‘als ik een blauwe poncho had gedragen hadden jullie geen film over mij willen maken’. Dat laat voor mij zien hoe bewust hij is van alles om zich heen. En er is nog een scène in een tram waarbij hij gepassioneerd spreekt over zijn vak, dat vind ik persoonlijk heel vet.’

Ik denk dat de kijker wel met een bepaald beeld van Stefano deze documentaire instapt. Wat wil je de kijker meegeven?
‘Heel cliché, maar: ‘never judge a book by its cover’. Ik liet mij eerst ook beïnvloeden door wat mensen over Stefano zeiden, dat alles een act zou zijn, terwijl ik na een gesprek met hem gevoerd te hebben direct door had dat dat niet waar was. Ik hoop gewoon dat de kijker hem zal zien voor wie hij is.’

'Lavinia weet zo nu en dan zowaar een gaatje te prikken in het pantser Stefano Keizers'

Helmut Boeijen over 'Mijn naam is Stefano Keizers'

Recensie

‘Je hebt het niet verneukt’ probeert theaterregisseur Jelle Kuiper de schade te beperken na de première van de voorstelling Sorry Baby. Cabaretier Stefano Keizers, tevens bekend vanwege zijn deelname aan de televisieprogramma’s De Slimste Mens en Maestro, laat zich echter niet overtuigen. ‘Ik heb het gewoon verpest’, zegt hij mismoedig. ‘Wat wil je dat ik eraan doe? Ik schaam me ervoor.’ Keizers begint even later zelfs met zijn vuisten op tafel te slaan en schreeuwt vervolgens met overslaande stem: ‘Ik heb het gewoon ongelofelijk kut gedaan!’

Klik op 'open' om verder te lezen...

Die plotselinge woede zou niet misstaan in een slecht toneelstuk over een getormenteerde kunstenaar die zich heeft verslikt in die altijd moeilijke tweede voorstelling. Het is tevens een treffende openingsscène voor de docu Mijn naam is Stefano Keizers, die vervolgens zes maanden terug in de tijd gaat: als de protagonist een documentaire over zijn leven aankondigt in de talkshow Pauw. ‘Ik zou nu eindelijk wel een keer willen weten of het allemaal een rol is die ik speel of dat ik echt zo ben als dat ik zeg en denk dat ik ben.’

‘Wat denk jij, Lavinia, is er een ontmaskering gaande?’, wil Jeroen Pauw weten van de maakster van de documentaire, die nu inmiddels bijna vijf minuten onderweg is. ‘Ik denk dat het een hele grote strijd wordt’, antwoordt Lavinia Aronson. ‘Tussen ons.’ Dat verbale steekspel krijgt vervolgens vorm via een serie ontmoetingen, waarbij de filmmaakster als een soort beste vriendin opereert: een drankje nuttigend, geinend met speelgoedpistooltjes of sparrend met een boksbal. Intussen bestookt ze hem met persoonlijke vragen, waarmee ze zo nu en dan zowaar een gaatje lijkt te prikken in het pantser Stefano Keizers (een alter ego van ene Gover Meit).

In eerste instantie lijkt die totaal mislukte voorstelling dan overigens nog behoorlijk in de steigers te staan. Gaandeweg begint Aronsons hoofdpersoon - wiens achtergrond en carrière worden geschetst met jeugdfilmpjes, televisiefragmenten en doldwaze sketches en een ludiek interview met broer Felix - echter een licht ontredderde indruk te maken. Al kan dat ook onderdeel van z’n ongrijpbare spel zijn. Keizers lijkt voortdurend op het slappe koord tussen genie en gekte te balanceren, waarbij het nooit helemaal zeker is of hij het achterste van zijn tong laat zien of die juist provocerend uitsteekt.

Dat gevoel van desoriëntatie wordt nog eens versterkt door de ruwe cameravoering en montage. Met de ene na de andere rare bokkensprong stevent de theatermaker (letterlijk) uiteindelijk af op de gedoemde première van zijn tweede voorstelling, waarin het uitgangspunt dat die is mislukt een integrale rol speelt. Zodat feit en fabel volledig zijn verweven. Waarna Keizers dus, tevens de slotscène van deze ontregel(en)de tv-docu, even he-le-maal uit zijn plaat gaat. Toch?

Wil je meer tips en recensies? Abonneer je hier op de 2Doc Weekly-nieuwsbrief.