Zwarte Zwanen 3

De perverse prikkels

MAX

Zwarte Zwanen 3

De perverse prikkels

MAX

Journalist Cees Grimbergen onderzoekt de Nederlandse pensioenindustrie. In zijn zoektocht ontrafelt hij geheimen die voor de gemiddelde pensioenspaarder niet eerder onthuld zijn. In 'De perverse prikkels' (het derde deel van deze serie) vertelt een betrokken bestuurslid van pensioenfonds Meubel wat het fonds na de crisis ondernam om het pensioensgeld te redden.

In deze aflevering van Zwarte Zwanen blijkt dat ‘perverse prikkels’ in de pensioenwereld nog steeds bestaan. Mega-salarissen en bonussen zijn niet afgeschaft. Pensioenbeleggers wentelen eventuele verliezen nog steeds af op de pensioenpremiebetalers. Moreel besef lijkt te ontbreken. En dit alles onder strikte geheimhouding. Kritische vragen zijn taboe. Grimbergen wordt door staatssecretaris Jetta Kleinsma dringend verzocht een bijeenkomst van de Nationale Pensioendialoog te verlaten.

Via reputatiemanagement houdt de pensioenwereld de schone schijn op. Op vele congressen wuiven economen en pensioenbeleggers zichzelf en elkaar lof toe. In voor werknemers en gepensioneerden onbegrijpelijke taal probeert de bedrijfstak pensioenindustrie op congressen zijn onmisbaarheid te tonen. In Zwarte Zwanen 3 stelt de Amerikaanse pensioendetective Ted Siedle dat schimmigheid en geheimhouding de voedingsbodem voor diefstal en fraude vormen.

In deze aflevering probeert MAX in gesprek te komen met de invloedrijke pensioenbeleggers. Zo probeert maker Grimbergen een interview te krijgen met een van de machtigste financiële mensen ter wereld, Larry Fink van Blackrock. Blackrock heeft ongeveer 4000 miljard euro van anderen onder beheer, waaronder bijna 200 miljard Nederlands geld.

Een spannende episode in deze aflevering gaat over het Pensioenfonds Meubel, waar meubelmakers en standbouwers hun pensioenpremie moeten afdragen. Op het moment dat Lehman Brothers in 2008 failliet ging, lag er meer dan 300 miljoen Nederlands pensioengeld bij de bank. In de documentaire vertelt een betrokken bestuurslid van het fonds wat er in de zeven jaar na het faillissement werd ondernomen om het pensioengeld te redden.