Jimmy Page, The Edge en Jack White: It Might Get Loud

Davis Guggenheim, NTR, 2011

Jimmy Page ('Led Zeppelin'), The Edge ('U2') en Jack White ('The White Stripes') zijn topgitaristen. Ze gaan terug naar belangrijke plaatsen in hun carrière en laten zien en horen wat hen inspireert. Tijdens een unieke muzikale ontmoeting delen ze hun kennis en gaan de versterkers voluit voor een potje jammen op niveau.

Wat de drie verschillende gitaristen bindt, is een totale toewijding aan hun vak. Ze willen steeds dieper graven, nieuwe sounds uit hun gitaar halen en hun eigen stem vinden. The Edge doet dat bijvoorbeeld door te experimenteren met vervorming en versterking. Eindeloos pielt hij in zijn studio in Dublin om het geluid te componeren dat miljoenen U2-fans in vervoering brengt.

Jack White is een muzikale duizendpoot en vooral bekend van tweemansband The White Stripes. Hij groeit op in Tennessee als jongste van tien kinderen en is zo bezeten van muziek dat in zijn kleine kamertje zelfs zijn bed moet wijken voor de instrumenten. In de documentaire gaat hij terug naar zijn jeugd op het Amerikaanse platteland en naar de essentie van zijn muziek.
Engelsman Jimmy Page is voor hen beide een groot voorbeeld. Bekend geworden met de Yardbirds richt hij in 1968 Led Zeppelin op en zijn riff in Whole lotta love geldt nog steeds als een van de bekendste gitaarriffs ooit. Hij laat een aantal inspirerende nummers horen uit zijn eigen platencollectie.

Met bijzonder archiefmateriaal, nieuwe nummers en een unieke muzikale ontmoeting van drie generaties rockgitaristen, bezingt It might get loud hun talent en de bijdrage van de elektrische gitaar aan de popmuziek.