Stephen Oliver, NTR, 2011

De verborgen geschiedenis van het Eurovisie Songfestival

NTR

Stephen Oliver, NTR, 2011

De verborgen geschiedenis van het Eurovisie Songfestival

NTR

Generaal Franco, de Koude Oorlog en de Europese eenwording blijken een onverwachte relatie te hebben met ABBA, Cliff Richards en Dana International. Dat bewijst de 2-delige documentaire ‘De verborgen geschiedenis van het Eurovisie Songfestival’. Hierin wordt een onthullende blik geboden achter de schermen van het Songfestival tegen de achtergrond van een veranderend Europa.

Het eerste songfestival in 1956 in Lugano is een beschaafd liedjesfestival waarvoor het publiek zich in gala steekt: een baken van hoop en menselijkheid na de gruwelen van de oorlog. Het frivole karakter van dit muziekfeest blijkt een uitstekend cultureel propagandamiddel voor het westen, tegen het repressieve communisme aan de oostkant van het ijzeren gordijn. Voor Oost-Europeanen is kijken naar het songfestival dan ook een verboden genoegen, meedoen een teken van vrijheid en onafhankelijkheid.

Politieke nummers zijn niet toegestaan in de songfestivalcompetitie, maar als het spektakel met meer dan 500 miljoen kijkers uitgroeit tot en van de best bekeken live televisie-evenementen ter wereld, worden de politieke belangen steeds groter. In 1968 gaat de Spaanse generaal Franco zo ver om stemmen te ‘kopen’ en Cliff Richards daarmee van een zegen te beroven. Het leidt niet tot de gewenste imagoverbetering van Franco maar tot een boycot van diverse landen het jaar erop. Het festival lijkt even op sterven na dood. Voor Oost-Europa wordt meedoen intussen een steeds groter verlangen, tot de val van de Berlijnse muur in 1989 de Europese eenwording inluidt. Met de toetreding van Oost-Europese landen, wordt het festival groter dan ooit.


In het tweede deel ligt de nadruk op deze periode. Met veel muziek, achtergronden en archiefmateriaal van historische winnaars en verliezers waaronder Corry Brokken, Cliff Richards, ABBA, Johnny Logan en Céline Dion.