2Doc Makers van Morgen

Common Ground

VPRO

2Doc Makers van Morgen

Common Ground

VPRO

“Douglas 130! Beuk 80!” weergalmt door het Arboretum te Tervuren, Brussel. Ruim honderd jaar geleden migreerden bomen vanuit de hele wereld naar België. Victoria Kabarozi migreerde tien jaar geleden naar Brussel.

Victoria's ouders stuurden haar naar Europa om te studeren. Ze is Oegandese door haar geboorteplek, en Amerikaanse door haar leven in Washington D.C. Na haar studie toerisme werd haar zoontje Aaron hier geboren. Ze vond niet snel genoeg werk en verloor zo haar recht om in België te blijven. Ondanks twee bachelordiploma’s en een vader met ambassadeurstitel, raakt ze in België verzeild in een Kafkaiaans verhaal van papieren en vergunningen.

De bomen verplaatsen zich, Victoria en Aaron verhuizen. We bewegen met hen mee, op zoek naar vaste grond waar we mogen blijven stilstaan.

'Mijn grootste verontwaardiging is hoe er met vluchtelingenproblematiek wordt omgegaan'

Interview met filmmaker Daphne van den Blink

Door: Esther Aerts

‘Ik wilde heel graag een film maken over migratie, maar wel met een originele invalshoek. In de kunsten en ook in documentaire worden er al veel dingen gemaakt over vluchtelingen’, vertelt Daphne. ‘Tijdens mijn master kreeg ik een seminar van theatermaker Chokri Ben Chikha. Een van zijn eerste vragen was: wat is je grootste verontwaardiging? Toen wist ik meteen dat mijn grootste verontwaardiging was hoe men met migratieproblematiek omgaat en hoe vluchtelingen worden gerepresenteerd in de media. Ik zag op Bruzz-nieuws een filmpje waarin Victoria haar verhaal deed. Het viel me meteen op dat ze een sterke vrouw was, en dat ze veel wist over de rompslomp rond migratie.’

In een van de cafés op het Utrechtse Ledig Erf spreek ik filmmaker Daphne van den Blink, die voor de gelegenheid in Nederland is. In een ver verleden studeerde ze in deze stad Cultureel Maatschappelijke Vorming, maar in 2009 vertrok ze naar België om aan het Brusselse RITCS film te studeren. Na twee jaar studie en een aantal andere projecten, stapte ze over naar de filmopleiding aan het KASK (Koninklijke Academie voor Schone Kunsten) in Gent. Soms verraadt haar manier van praten dat ze zich al enige tijd onder de Vlamingen bevindt. Wanneer ze een cappuccino bestelt, vraagt ze: ‘Mag ik er een glaasje kraantjeswater bij, alstublieft?’

Daphne van den Blink

Van kraakpand naar kraakpand

Daphne vertelt hoe ze binnen korte tijd een sterke band met Victoria opbouwde: ‘Ik ging de eerste maanden vaak met haar mee naar bijeenkomsten over armoede en migratie. Al snel hielp ik haar met verhuizen.’ Victoria zwierf toen met een groep migranten zonder papieren van kraakpand naar kraakpand. De filmmaker hielp ook met praktische taken: ‘Ik heb Aaron toen vaak van school opgehaald, en hij heeft zelfs een keer bij mij thuis gelogeerd.’ Voor Victoria was de keuze om ‘ja’ tegen het filmproject te zeggen niet moeilijk. Ze zag dat Aaron de eerste keer dat hij Daphne ontmoette, meteen met haar wilde knuffelen. Dit was voor haar een goed teken.

‘We zijn beiden naar België gekomen om te studeren. Alleen ben ik in Europa geboren en zij niet. Ze is geen Oegandese, geen Amerikaanse, maar ook geen Europeaan.’

Daphne van den Blink

Domme pech

Daphne voelde al vanaf het begin een connectie met haar hoofdpersonage: ‘We zijn beiden naar België gekomen om te studeren. Alleen ben ik in Europa geboren en zij niet. Zij had gewoon hele domme pech. Ze heeft maar drie maanden in Oeganda gewoond, maar toch heeft dat haar hele leven bepaald. Ze is geen Oegandese, geen Amerikaanse, maar ook geen Europeaan.’ En niet alleen dat maakte Victoria’s verhaal interessant: ‘Ze kwam uit een middenklasse-gezin en haar vader was ambassadeur, maar ze belandde toch in deze situatie. Er zijn zoveel van dit soort verhalen die geen plek krijgen of gerepresenteerd worden. Daarnaast is het filmpubliek vaak zelf ook middenklasse. Ik denk dat ze zich makkelijker in haar kunnen inleven dan in mensen van wie de leefwereld verder van hen af staat.’

Zes keer verhuizen in zeven maanden

‘Toen ik de gefilmde beelden ging bekijken, viel me meteen op dat ik haar in zeven maanden tijd in zes verschillende huizen had gefilmd. Het verplaatsen en onderweg zijn kun je ook weer linken aan migratie in het algemeen.’
Toch wilde de maakster het verhuizen niet expliciet in beeld brengen: ‘Ik wilde niet met van die klassieke beelden werken waarin je iemand met Action-tassen over straat ziet lopen. Dan zit je meteen in van die gemediatiseerde beelden.’ Uiteindelijk besloot ze drie verschillende ruimtes te laten zien waar Victoria heeft gewoond. Het is aan de kijker om op te merken dat het hoofdpersonage op verschillende plekken woont. De ruimtes waar Daphne Victoria filmde hadden iets gemeen: ‘Ik merkte in het proces dat ik heel vaak geen keuze had waar ik kon zitten of staan met mijn camera, omdat de ruimtes zo klein waren.’ De beelden in de kleine kamers werken soms beklemmend: ‘Als je geen geld hebt en niet mag werken, zit je de hele dag opgesloten in zo’n kleine kamer. Ik wilde die verveling en het opgesloten zitten in je eigen situatie in beeld brengen.’ Ook valt op dat er vaak alleen een bed of matras is, en verder veel tassen. ‘Als je zo vaak verhuist, ga je je een ruimte op een gegeven moment ook niet meer eigen maken. Met de ruimtes die ik in beeld breng wil ik haar staat van zijn representeren.’

‘Ik dacht weleens: ben ik hier als filmmaker, vriendin of als sociaal werker?'

De metafoor van het bos

Een andere opvallende keuze in ‘Common Ground’ is de beginscène die zich afspeelt in het Zoniënwoud, in de bossen nabij Brussel. In 1902 liet de Belgische koning Leopold II hier honderden verschillende bomen uit meer dan dertig landen naartoe verplaatsen. Daphne zag er een mooie metafoor in: ‘Ik vond het zo symbolisch dat hier ook verschillende culturen en identiteiten samenleven. De boswachters in de film bepalen welke bomen mogen blijven en welke niet. Dat is in feite ook hoe het met migranten gaat. Ook had ik mezelf de oefening gegeven om twee ruimtes, die in eerste instantie niks met elkaar te maken hebben, toch te laten resoneren.'

Filmmaker, vriendin of sociaal werker?

‘Ik heb het romantische idee dat documentaire ‘echt’ moet zijn. Maar door daar te staan met een camera en door de kadrering en montage ben je natuurlijk al bezig met het maken van je eigen verhaal.’ Toch deed Daphne er alles aan om Victoria en Aaron zo natuurlijk mogelijk in beeld te brengen. Ze bracht soms uren met hen door in de kleine kamers waar ze op dat moment woonden. Ook sliep ze er weleens. ‘Ik vind dat het heel belangrijk is om echt met je onderwerp te zijn en te leven.’ Dit maakte dat ze soms met haar rol worstelde. ‘Ik dacht weleens: ben ik hier als filmmaker, vriendin of als sociaal werker? Soms had ik misschien wel wat meer de regisseur kunnen zijn. Maar ik wilde niks in scène zetten of haar vragen iets opnieuw te doen, omdat ik bang was de magie te verbreken.’

Iedereen poetst zijn tanden

Daarnaast vond Daphne het belangrijk om de routine van het dagelijks leven in beeld te brengen: ‘In de kleine gebaren en handelingen kun je goed de band tussen Victoria en haar zoontje Aaron aflezen, maar ook het ‘normale’. Zelfs in zulke extreme omstandigheden blijft iedereen zijn tanden poetsen en douchen, in hoeverre dat mogelijk is. Op deze manier maak je voor mensen die totaal niet in zo’n situatie zitten een herkenningspunt.’ Opvallend is dat we op een bepaald moment de vijfjarige Aaron naakt onder de douche zien staan. Daphne koos ervoor dit in beeld te brengen omdat hier de liefde van Victoria voor Aaron naar voren komt. En dat niet alleen: ‘Ik had een beeld van Johan van de Keukens film Beppie in mijn hoofd zitten, waarin ook een scène met een kind onder de douche voorkomt.’

Filmen met gedetineerden

Daphne rondde precies een jaar geleden haar master af aan het Gentse KASK met ‘Common Ground’. Ze vertelt dat ze net te horen heeft gekregen dat ze door het Vlaams Audiovisueel Fonds (vergelijkbaar met het Nederlands Filmfonds, red.) is geselecteerd om een workshopreeks over kinderdocumentaires te volgen. ‘De vijf beste projecten mogen daadwerkelijk geproduceerd worden. Ik zou heel graag een film maken over een kind met een ouder in de gevangenis.’ Ook blijkt dat de jonge filmmaker niet snel stilzit: ‘Ik volg nu de lerarenopleiding tot kunstdocent. Het komende half jaar ga ik stage lopen in de gevangenis waar ik een film zal maken met gedetineerden.’ Hoewel Daphne nu nog parttime werkt in een taartenwinkel, zou ze in de toekomst het liefst workshops film geven aan een jonge doelgroep en natuurlijk films blijven maken.

Interview met hoofdpersoon Victoria Kabarozi

Ik spreek Victoria telefonisch tijdens haar lunchpauze op haar werk. Een half jaar geleden vond ze een baan als directie-assistent bij een verzekeringsmaatschappij. Trots vertelt ze dat ze vanochtend naar de gemeente is gegaan om haar ID-kaart op te halen. ‘Hij is geldig voor de komende vijf jaar. Het duurde ontzettend lang voordat ik hem kreeg. Ik heb hem wel zes keer moeten aanvragen, maar nu eindelijk met resultaat.’ Ze heeft inmiddels een huis gevonden waar ze voorlopig kan blijven wonen.

Ook heeft Victoria een ander leuk nieuwtje te vertellen: ‘Nu ik weer een identiteitskaart heb, kan ik eindelijk mijn familie weer zien. In mei gaan Aaron en ik naar Oeganda voor de tachtigste verjaardag van mijn vader. I’m really excited!’