news letter

Makers van Morgen

Voedselstress

VPRO

Nu de superfoods uit de supermarkt puilen, men massaal glutenintolerant lijkt te zijn en een column over quinoakutten grote herkenning oproept, weet je als consument soms niet meer wat je wel en niet moet eten. Suzanne Witteman was zo’n consument.

Door: Wieneke van Koppen

Suzanne Witteman, afgestudeerd aan de HKU richting Audiovisuele media, at geen vlees. Haar vegetarisme kwam niet direct voort uit een groot medelijden met dieren: ze was niet tegen het slachten an sich, maar had vooral een aversie tegen de laconieke manier waarop de vleesindustrie met onze toekomstige voeding omgaat. Verhalen over legbatterijen en grootschalig hormoongebruik bij dieren stonden haar tegen. Ze zag afleveringen van de Keuringsdienst van waarde die een tegengeluid laten horen over de manier waarop eten, zoals vlees, vervaardigd wordt. Toen ze ontdekte dat melk ook op dubieuze manieren geproduceerd werd en ze naar alternatieven als amandelmelk en andere varianten ging zoeken, bekroop het haar. Witteman wist niet meer wie ze moest geloven en wat ze moest eten. Ze besloot een documentaire over haar gevoel te maken.

Geïnspireerd door diverse afleveringen van de eerder genoemde Keuringsdienst van Waarde, maar ook door het boek Hamburgers in het paradijs van Louise Fresco en gesprekken met Youth Food Movement, ging ze aan de slag. Er spreken geen experts op het gebied van voeding in Voedselstress en dat is een bewuste keuze. ‘’In mijn film wil ik geen autoriteit die vertelt wat we wel en wat we niet moeten doen. Dit gebeurt al zoveel. Ik wil juist de verwarring illustreren waarmee veel mensen te kampen hebben.’’

In de film zien we verschillende mannen en vrouwen die stuk voor stuk niet meer weten wat ze moeten eten. Witteman vertelt: ‘’In mijn researchfase ben ik verschillende mensen gaan interviewen over hun eetgedrag en gevoelens daarbij. Die interviews heb ik direct opgenomen en later tegenover elkaar gezet, dat wil zeggen: ik zette de meningen die elkaar tegenspraken tegenover elkaar.’’ In de film zien we een meisje dat net als Witteman geen vlees eet, maar ook een meisje dat moet huilen omdat er suiker blijkt te zitten in iets dat ze lekker vindt.’’ Behalve persoonlijke verhalen toont Voedselstress ook een visueel intermezzo van een tarwegrasbar. In een tarwegrasbar drinken mensen shots gemaakt van tarwegras en andere groenten en fruit en dit is, naar verluidt, zeer gezond. Witteman: ‘’Het intrigerende aan deze bar vind ik dat bijna niemand het echt lekker vindt, maar dat mensen toch steeds shots blijven nemen.’’

Tijdens de vele interviews, foodworkshops en bezoeken die Witteman deed, begon ze anders tegen haar eten en eetgedrag aan te kijken. Terwijl ze aan het monteren was en de beelden en argumenten zag, kreeg ze een soort overload van het onderwerp. Een kritiek moment waarbij ze een grote trek naar een broodje vlees niet uit haar gedachten kon krijgen, was de omslag. Met een dubbel gevoel vertrok ze naar de kantine van de academie om een broodje met vlees te halen. Inmiddels is Witteman geen vegetariër meer en hanteert ze het principe ‘als je met mate eet, moet het kunnen.’ Overigens liggen er nog steeds geen niet-biologische eieren of kippenpootjes op haar bord. Ze vult aan: ‘’In Nederland zijn de keuringsdiensten zeer streng en de kwaliteitseisen zijn hier hoger dan in veel andere plekken in de wereld. Dagelijks houden mensen die hiervoor gestudeerd hebben zich bezig met ons voedsel, dit is voor mij een reden geweest om de stress los te laten.’’

Sinds Voedselstress is afgerond, is Suzanne Witteman nog steeds druk aan het werk. Ze heeft momenteel vier banen. Zo werkt ze onder andere bij Buitenhof, maar ze bakt ook taarten in opdracht. Die taarten zijn niet altijd gezond, ze vertelt: ‘’ik weet dat veel suiker niet heel goed is, maar ik vind het wel erg lekker, dus ik maak graag zoete taarten.’’ Haar compagnon houdt echter meer van gezonde dingen, dus voor ieder wat wils.