Up Close

Who the f*ck is Ruud de Wild?

AVRO

Up Close

Who the f*ck is Ruud de Wild?

AVRO

'Ik kreeg te horen dat ik terminaal bleef leven’, ‘Gvd, ik heb ook kinderen die over drie jaar worden uitgemaakt voor Marokkaan’ en ‘het klinkt heel goddeloos in de kunst maar ik bedoel hier helemaal niets mee’. Zomaar wat uitspraken van Ruud de Wild die hij doet in een documentaire waarin de kijker een beeld krijgt van de persoon ‘die eindelijk durft te zijn wie hij is’.

Als schilder zet hij zich af tegen de Nederlandse incrowd en subsidiecultuur waarin kunst met een grote K wordt geschreven. Zijn eigen werk, waarin typografie en bekende songteksten het vertrekpunt zijn, is hot. De doeken worden wereldwijd verkocht en een ‘De Wild’ van formaat doet inmiddels meer dan € 15.000,-. Als autodidact durfde hij lange tijd niet met zijn werk naar buiten te treden als ‘de zoveelste Bekende Nederlander die zo nodig moet kwasten.’ Het succes geeft hem echter het zelfvertrouwen om als een ‘echte kunstenaar’ door het leven te gaan.

Als DJ wordt hij verafgood of verguisd en zijn beslissing om een live-uitzending vanuit concentratiekamp Auschwitz te maken was goed voor keiharde kritiek in de traditionele media en op internet. Achter zijn ogenschijnlijk provocerende keuze zit echter de motivatie van een vader die zijn kinderen een document wil nalaten. In een ontroerende ontmoeting met Herman van Veen wordt duidelijk waarom.

‘En dan is het ineens 10 jaar later na die XXXdag in mei 2002’, zo begint een korte brief die Ruud de Wild in de documentaire schrijft aan Volkert van der G. Van der G. was degene die Fortuyn op 6 mei om 6 over 6 met 6 kogels vermoordde. Met het schrijven van deze brief sluit Ruud de Wild definitief een tijdperk af.

‘Schilder, DJ of VJ? Het is allemaal geldingsdrang. Ik ben eeuwig op zoek naar erkenning.’ Zo typeert Ruud de Wild zichzelf en zijn werk. De kijker ziet een talentvolle en succesvolle alleskunner die eigenlijk het liefst met vrouw en kinderen thuis aan de eettafel zit.

Regisseur: Ruud van Gessel en Martijn Schoevers