Hans van Manen: van oud naar jong

NTR

Choreograaf Hans van Manen wordt deze zomer 89 jaar. Ondanks zijn leeftijd is hij nog zo vaak mogelijk bij de repetities van zijn balletten.

Dat gebeurt met grote regelmaat, want zijn balletten zijn wereldwijd zeer in trek. Het Nationale Ballet heeft in 6 weken tijd een aantal van Van Manens hoogtepunten opnieuw ingestudeerd. Met de solisten, maar ook met de jonge talenten van de junior company. En altijd in aanwezigheid van de oude maestro. Over hoe het instuderen van balletten als Sarcasmen en Déjà vu in zijn werk gaat en wat er van de dansers wordt verwacht, gaat deze documentaire. 

Regie: Joost van Krieken

‘Ik ben vooral jaloers op zijn wil om te leven, zijn levensdrang’

In gesprek met regisseur Joost van Krieken

Tekst: Abel Vos

Regisseur Joost van Krieken volgde tijdens de pandemie het Nationale Ballet bij het opnieuw instuderen van de hoogtepunten van Hans van Manen. De choreograaf, die deze zomer 89 wordt, is vrijwel overal bij. Zo krijgen we een uniek inkijkje in de balletwereld in de coronatijd.

Hoe kijk je terug op het maakproces van deze docu?
‘Ik voel me daar helemaal happy. Ik ben gefascineerd door elk maakproces omdat ik erg van vakmanschap houd. Ik wil zien hoe dat precies in zijn werk gaat. Je kan me in zo’n repetitielokaal neerzetten en ik kijk mijn ogen uit. In de montagekamer besloot ik pas waar ik me precies op wilde focussen. Langzaam maar zeker kwam daar een verhaal uit. Ik wist wel dat ik Rachel Beaujean wilde volgen, zij is de schatbewaarder van Hans van Manen. Ik vond het mooi om te zien hoe zij zowel uit haar geheugen als uit archiefmateriaal teruggaat naar de bron. Daarbij is ze altijd bezig om de dans door te geven aan een nieuwe generatie.’

Wat maakt Hans van Manen voor jou uniek?
‘Zijn voorstellingen zijn tijdloos. Ik durf te beweren dat als je kijkt naar choreografen als Rudi van Dantzig of Toer van Schayk, die ook heel belangrijk zijn geweest voor de Nederlandse dans, dat die toch… hoe zal ik dat netjes uitdrukken… een beetje belegen zijn. Dat was toen mooi, maar nu niet meer. Dat vind ik bij van Manen niet: nu is het nog steeds mooi. Dat komt denk ik omdat het bij hem niet alleen over het uiterlijke vertoon gaat, maar ook over de invulling: wat zijn het voor mensen? Als je dat belangrijk vindt, dan wordt het al snel wat tijdlozer.’

Joost van Krieken

Hoe was het om hem te filmen? Wat viel je op?
‘Hij weet dondersgoed wanneer de camera aangaat. Dan lijkt het wel alsof hij een standje opzet. ‘Oké, wat willen jullie? Dat ik flink tekeerga? Dan kan je dat krijgen. Het is een vrij grillige man, dus soms had hij geen zin of was hij chagrijnig. Maar als hij langskwam, dan gebeurde er wat. Dat blijf ik bijzonder vinden.

Ik ben vooral jaloers op zijn wil om te leven, zijn levensdrang. ‘Drie jaar geleden’, zei hij, ‘ben ik nog gaan windgliden. We sprongen van een berg en zweefden boven het dal’. Mijn bek viel open. Ik ben de 60 gepasseerd, toch zou ik wel twee keer nadenken voor ik zoiets zou doen. Hij is bijna 90, hé. En als je ziet hoe hij in het repetitielokaal tekeergaat, dan kan ik alleen maar diep jaloers zijn.’

Ben je nieuwe dingen over hem te weten gekomen?
‘Niet per se. Ik wilde er vooral achter komen wat een ballet van Hans van Manen uniek maakt. Dat had ik je van tevoren kunnen vertellen, maar nu ik het nogmaals gezien heb, weet ik het zeker. Toen ik de opname van Sarcasmen van veertig jaar geleden naast de nieuwe uitvoering hield, bleek dat er toch interessante verschillen te zien waren. Hans van Manen denk toch steeds opnieuw: dit is beter of sterker. Hij kijkt erg naar de uitstraling van de danser en naar de chemie tussen twee dansers. De invulling die je als persoon zelf meeneemt. Daar reageert hij op.’

Tekst gaat verder onder afbeelding

Na een half uur in de film is van Manen niet meer te zien en kijken we naar een integrale voorstelling van Déjà vu. Waarom koos je hiervoor?
‘Ik was bang dat het anders de Hans van Manen show zou worden. Ik wilde heel graag dat je vooral voelde wat het is om helemaal de puntjes op de i te zetten. Eerst zie je een fragment van Déjà vu in het repetitielokaal. Nou, dacht ik, dat doen ze helemaal niet zo slecht. Vervolgens bespreken ze van alles en nog wat. Dat is de kern waar deze film over gaat: je denkt dat je er bent, maar als je heel goed wil zijn, dan moet je nog meer werken. In de voorstelling zie je dat terug. Hans van Manen is daar een meester in.’

De film gaat ook over dansen in corona. Maar hoe ging het filmen in corona?
‘Het voelt kil in de gangen, als je even niets te doen hebt. Je voelt dat het geen gezelschap is wat bruist. Dat vond ik moeilijk om weer te geven in de film. De dansers hebben een soort trots. ‘Het gaat goed, we slaan ons erdoorheen.’ Het is erin geramd om de positieve kant te bekijken. Maar die is er natuurlijk niet altijd. Het is ook niet dat ik voor deze documentaire specifiek op zoek was naar dat drama.’

Ben je blij met je film?
‘Het was een worsteling omdat ik veel materiaal had en veel moest weggooien. Ik ben uiteindelijk blij. Ik denk dat je kan zien dat ik van de dansers en de danswereld houd. Wat mij betreft is het een ode geworden aan het repeteren en werken van dansers. Ik hoop dat je ziet dat het keihard werken is.’

Meer docu's over theater