2Doc:

Vader in de tuin

KRO-NCRV

Opa Koos (89) is weduwnaar en woont nog zelfstandig, maar hij vereenzaamt en zijn gezondheid gaat achteruit. Hij wil zijn laatste jaren niet in een verpleeghuis slijten. Schoondochter Anita oppert dat hij bij hen in de tuin mag komen wonen. Op een dag wordt er een gloednieuwe kantenklare mantelzorg-woning in de tuin getakeld.

Frans Bromet volgt het gezin Korevaar bij de bouw van het huis in de tuin en de verhuizing van opa, en het leegruimen van het appartement van Koos en de spullen waar hij noodgedwongen afstand van doet omdat het niet past in zijn nieuwe huis. Het hobbyschuurtje in de tuin dat plaats moet maken voor de nieuwe woning. Opa die voortaan alle zaterdagen zal mee-eten met het gezin.

Eenmaal geïnstalleerd in zijn luie stoel achter het raam valt het voor Koos niet mee. Hij volgt het drukke gezinsleven aan de overkant van de tuin, maar ervaart zelf dat alles minder wordt. Op vakantie gaan lukt niet meer, hij heeft zijn auto moeten verkopen en voelt zich afhankelijk van iedereen. Het is wachten op de man met de zeis, grapt hij. Het tuinhuis is zijn laatste station. Hoewel de nieuwe situatie voor alle partijen voordelen heeft, vraagt Bromet zich af of de familie Korevaar wel genoeg heeft nagedacht over de emotionele gevolgen van de verhuizing.

Regie: Frans Bromet

DocTalks: In gesprek met regisseur Frans Bromet

Meer films van Frans Bromet

Helmut Boeijen over 'Vader in de tuin'

Opa Koos woont driehoog, in een mooie ruime flat met een fijn ‘groen’ uitzicht. Binnenkort gaat hij echter even verderop wonen. Niet in een aanleunwoning of bejaardentehuis. Maar in de tuin. Bij zijn zoon Marco en diens gezin.

‘Is hij er slecht aan toe?’ wil interviewer Frans Bromet weten. ‘Nog niet’, antwoordt Marco lachend. Schoondochter Anita vult aan: ‘Hij is achtentachtig en hij is eigenlijk hartstikke goed.’ Bromet: ‘Gaat dat jullie niet heel veel tijd kosten?’ ‘Zwaaien?’ antwoordt Anita gevat. ‘Nee, dat valt wel mee, denken wij.’

Voorlopig lijkt zwaaien genoeg, maar de familie Korevaar realiseert zich terdege dat ze in werkelijkheid kiest voor een mantelzorg-constructie. In een ontspannen sfeer gaan ze een woning voor Vader in de tuin aanschaffen. Die stelt zich ogenschijnlijk uiterst schappelijk op. Koos beseft tegelijkertijd: ‘Ik ben afhankelijk van iedereen.’

‘Dit is de laatste reis die ik maak’, zegt hij tijdens de daadwerkelijke verhuizing. ‘En de volgende reis, daar hoef ik me niet mee te bemoeien.’ Terwijl de nieuwe woning zijn beslag krijgt en opa Koos zich daar probeert te settelen, stelt Bromet hem zijn inmiddels welbekende impertinente vragen over verleden, heden én toekomst.

Intussen volgt hij gedurende enkele jaren hoe de man aardt in zijn steeds kleiner wordende wereld en langzaam maar zeker afscheid moet nemen van het leven dat hij ooit had. ‘Afvoeren’, noemt hij dat zelf. Hij zit gewoon te wachten. ‘Waarop zit u dan te wachten?’ vraagt Bromet naar de bekende weg. ‘Op die man met die zeis.’

Toch wordt deze tv-film geen moment topzwaar en verdient die ook weer moeiteloos het Bromet-vignet: dicht op de mens, ongepolijst en nooit sentimenteel. En Frans, zelf inmiddels ook 75 jaar oud, heeft blijkbaar nog altijd een onstilbare honger naar nieuwe verhalen en blijft dus gewoon stug doorgaan met veelfilmen. Híj gaat zelf in elk geval níet zitten wachten op die man en z’n zeis.

Wil je niet langer wachten op de tv-uitzending om een documentaire te kijken? Met de 2Doc Weekly kijk je iedere zondag alle films van de aankomende week vooruit. Sluit je aan bij de grootste documentaire-community van Nederland en abonneer je op de 2Doc Weekly.

Meer films over 'Zorgen voor elkaar' meer