2Doc:

Vrankrix en het Amsterdamse rijk

NTR

Meer en meer wordt de Amsterdamse binnenstad omgetoverd tot één grote geldmachine. Héél de binnenstad? Nee, een klein stadsdorpje blijft moedig weerstand bieden.

Net als andere aantrekkelijke Europese steden wordt ook Amsterdam in toenemende mate geregeerd door projectontwikkelaars en de toeristenindustrie. In Vrankrix en het Amst€rdamse rijk duikt de regisseur in de anarchistische, activistische undergroundscene in de binnenstad van Amsterdam: het bolwerk Vrankrijk. Op de bovenverdiepingen wonen 19 bewoners en op de begane grond is er een radicaal-politiek ontmoetingscentrum voor activisten uit West-Europa. Hiphop, punk, queer, de vluchtelingenproblematiek, do-it-yourself, solidariteit, anarcho’s, deeleconomie, veganisme, globalisme, alles komt samen in deze kleine microkosmos.

Deze ontmoetingsplek, die hier nog als een van de weinige laatste bastions stand houdt, vormt een schril contrast met de rest van de stad: buren die verdwijnen, drommen toeristen, vijfsterrenhotels, luxeappartementen, het duurdere winkelsegment. Het ‘dorpje van barbaren’ raakt steeds geïsoleerder in hun gevecht tegen de buitenwereld.

De strip Asterix en de Romeinse Lusthof is de inspiratiebron voor Vrankrix en het Amst€rdamse rijk: het kleine Gallische dorpje dat ingesloten dreigt te raken door Romeinse hoogbouw met hotels, thermen, speelpaleizen en toeristen.

Regie: Annegriet Wietsma

Vrankrijk in 1983, toen het net gekraakt was.

In gesprek met Joop van Riessen

‘De kraakbeweging is heel belangrijk geweest voor de beeldvorming van Amsterdam’

Tekst: Anne van Blijderveen

De kraakbeweging zag in de jaren ’60 het licht in Amsterdam. Van daaruit heeft het zich door heel Europa verspreidt. Lange tijd is het onlosmakelijk verbonden geweest met de stad. Maar het commerciële succes van Amsterdam heeft daar verandering in gebracht. Hoe zag de kraakbeweging “van weleer” er dan uit? Oud-hoofdcommissaris van politie Joop van Riessen vertelt.

Joop van Riessen werkte van 1965 tot en met 2004 bij het Amsterdamse politiecorps. Precies in de hoogtijdagen van de krakersbeweging. ‘Ik vond die tijd heel bijzonder om mee te maken.’

Wat voor een stad was Amsterdam tijdens het begin van uw carrière?
‘De stad was enorm in ontwikkeling in de jaren ’60 en ’70. Door de Provo’s, flowerpower- en andere antiautoritaire bewegingen was er veel vernieuwing. Maar tegelijkertijd ook veel geweld. Lees meer...

Doordat ik chef recherche en chef ME was, zag ik veel verschillende facetten van de stad. Het begon bijvoorbeeld met de Bouwvakkersopstand van ’66 die drie dagen duurde, hierbij bestormden bouwvakkers het Telegraafgebouw. In ’74 had je dan weer de gewelddadige escalatie toen er huizen geruimd moesten worden op de Nieuwmarkt omdat de gemeente een metrolijn wilde aanleggen. In diezelfde tijd zag ik als rechercheur ook de heroïneverslaving opkomen nadat de Vietnamoorlog was afgelopen. Dat zijn dingen die je nu niet voor mogelijk houdt. Maar krakerspanden zoals Vrankrijk passen dus helemaal in dat tijdsbeeld.’

Hoe heeft de krakersbeweging zich ontwikkeld?
‘In de beginfase was het heel ideologisch van aard. De jeugd was boos op huisjesmelkers en verontwaardigd dat er woningnood was terwijl er veel leegstand was in de stad. Daarom besloten ze te kraken. Pas vanaf ’75 kreeg de krakersbeweging ontzettend veel momentum, maar helaas groeide het richting eind jaren ’80 door naar anarchie. Niet iedereen had namelijk dezelfde bedoelingen binnen de krakersbeweging. Toen begonnen de krakersrellen. Denk aan de ontruiming van het huis aan de Vondelstraat; voor die ontruiming heb ik daar nog gelopen in burger. De sfeer was er echt geweldig; de zon scheen en het was een groot feest. Maar het geweld dat daarna losbarstte is echt ongeëvenaard.’

Heeft u daar een voorbeeld van?
‘De kroning van prinses Beatrix natuurlijk met daar tegenover de leus van de krakers: ‘geen woning, geen kroning’. Ik kreeg als chef ME de opdracht dat de kroning hoe dan ook door moest gaan; in het ergste geval moesten we op ze schieten. Ik heb toen op de Dam politie in vredestenue geplaatst, eromheen 25 pelotons ME klaargezet en nog 30 politiemensen in normaal uniform op de hoeken van de Dam en het Rokin opgesteld. Toen de rellen losbarstten op het Waterlooplein wilde ik de ME inzetten, maar vanuit Vrankrijk zat Hanneke Groenteman met Radio Stad onze politiezenders te verstoren. Daarop heb ik de politiemensen in normaal uniform ingezet en toen gebeurde er iets bijzonders: op vijftig meter afstand van de politieagenten stopte de rellende menigte. De krakers hadden namelijk de regel dat je alleen de ME mocht aanvallen, maar niet op politieagenten in normaal uniform. Dat was zo wonderlijk. Maar het was niet zo dat na de kroning de anarchie stopte. Kraakbewegingen gingen in Amsterdam zelf ook woningen ontruimen en die vervolgens toedelen aan mensen, maar het was dan zelfs zo dat ze mensen eruit haalden en vriendjes erin zetten.’

'Ik vind dat jongeren weer een gelijksoortige beweging moeten beginnen; men moet weer opkomen voor mensen met lagere inkomens die geen plek meer hebben in de stad.'

Wat was de rol van Vrankrijk hierin?
‘Het gebouw Vrankrijk en de inwonende krakers waren belangrijke spelers in de krakersbeweging. Het was een soort commandocentrum. Daar en in een gebouw in de Pijp werden allerlei activiteiten georganiseerd en tijdschriften gemaakt. En zelfs na de jaren ’80 was de rol van Vrankrijk nog niet voorbij. In 1997 kwamen er zo’n 400 Europese activisten, hardliners, naar het krakerspand om te gaan demonstreren tegen de Eurotop die in Amsterdam gehouden werd. Ze wilden de Nieuwe Kerk bestormen, daar werd namelijk de ontvangstreceptie van de Eurotop gehouden. Het politiecorps moest hier een oplossing voor bedenken en toen heb ik besloten iedereen die uit dat gebouw kwam te laten arresteren voor deelname aan een criminele organisatie. Daardoor kon ik ze vier dagen vasthouden, precies zo lang de top duurde. Van strafrechtgeleerden heb ik daar later voor vreselijk op mijn falie gekregen en ik heb er zelf ook wel een dubbel gevoel over gehad.’

Wat vindt u als oud-hoofdcommissaris van politie van de kraakbeweging?
‘De kraakbeweging is heel belangrijk geweest voor de beeldvorming van Amsterdam. Ik zou haast willen zeggen dat ik het jammer vind dat het de sfeer uit de kraaktijden niet meer heeft. Amsterdam is nu een toeristische en kapitalistische stad geworden. Ik vind dat jongeren weer een gelijksoortige beweging moeten beginnen; men moet weer opkomen voor mensen met lagere inkomens die geen plek meer hebben in de stad. Maar ja, studenten moeten nu met vier jaar klaar zijn met hun studie en hebben geen tijd meer om zich zo voor Amsterdam in te zetten.’

De huidige burgermeester van Amsterdam, Femke Halsema, heeft ook een heel streng kraakbeleid opgesteld. Ze heeft onder andere uw uitvinding afgeschaft; het aankondigen van een ontruiming. Wat vindt u daarvan?
‘Ik vind het jammer dat ze het heeft teruggedraaid. Het had toen een sterk de-escalerend effect. Daarvoor waren er altijd ontzettend veel rellen na een spontane ontruiming, maar nadat de aankondiging was ingesteld gingen ze vaak onder vreedzaam protest weg. Ze zou naar mij moeten luisteren (lacht). Maar goed, iedere tijd heeft z’n eigen dingen.’

Over

Joop van Riessen werkte van 1965 tot en met 2004 voor het Amsterdamse politiecorps. Daarna werd hij algemeen adviseur bij het COT Instituut voor Veiligheids- en Crisismanagement te Den Haag. Sinds 2008 schrijft hij ook boeken, waaronder een thrillerserie.

Een kleine geschiedenis van Vrankrijk

1880 - 1893

Het gebouw op Spuistraat 216 waar het krakersbolwerk 'Vrankrijk' is gehuisvest, werd in 1875 gebouwd. In eerste instantie was het in gebruik als timmerwerkplaats, maar later werd het een steendrukkerij.                                         

1940 - 1970

Tijdens de Tweede Wereldoorlog is het pand gebruikt als plek waar valse papieren werden gemaakt voor onderduikers. Na de bevrijding kwam het pand in handen van de Telegraaf die er een drukkerij van maakte. In de jaren '70 is het gebouw vaak van eigenaar verwisseld en stond het daardoor vaak leeg. Hiervan maakten de krakers later gebruik.                                        

BOOM!!! De krakersrellen van de jaren '80

Ze gooiden met bakstenen en barricadeerden delen van straten. Krakers gingen in de jaren '80  in tegen de gevestigde orde, en eistten betaalbare woningen. Met waterkanonnen en ME-agenten probeerde de gemeente Amsterdam tegengas te bieden tegen de enorme protesten. Amsterdam leek wel een oorlogsgebied. Sindsdien zijn er veel huizen gekraakt. In de Spuistraat werd in 1982 Vrankrijk gekraakt en daarna waren de tabakspanden tegenover Vrankrijk aan de beurt. Sindsdien fungeert Vrankrijk als een basis voor de krakerscene en vele andere tegenbewegingen.  

1982 - 1992

Vrankrijk had eigenlijk plaats moeten maken voor nieuwe appartementen. Maar omdat het pand gekraakt werd, ging dit niet door. Diverse knokploegen hebben geprobeert de krakers uit het pand te zetten, zonder succes. Uiteindelijk hebben de krakers het pand in 1992 zelf aangekocht waardoor het pand in eigenbeheer is. 

1992 - 2008

In 2002 bedongen de beheerders van Vrankrijk een regeling met de gemeente. Sindsdien heeft Vrankrijk vergunningen waardoor de politie niet zomaar binnen kan komen om controles uit te voeren.

2008 - 2015

In September 2008 is er een knokpartij geweest in het café van Vrankrijk, hierbij raakte iemand invalide. Deze gebeurtenis was zo heftig dat burgermeester Job Cohen besloot Vrankrijk te sluiten. In 2012 heropende Eberhard van der Laan het krakersbolwerk weer. 2015 is het jaar dat Vrankrijk een laatste poging deed om de ontruiming van de tabakspanden (tegenover Vrankrijk) die gekraakt waren te redden van ontruiming. Dit was een jarenlange strijd, die uiteindelijk werd gewonnen door woonstichting De Key. De tabakspanden worden nu omgedoopt tot dure appartementen, en daarmee is Vrankrijk het enig overgebleven kraakpand in de Spuistraat. 

Tekst geschreven door Hannah Veldhoen

Krakers van nu

Sinds 2010 is kraken illegaal. Maar wat gebeurt er dan met de leegstaande huizen en de enorme woningnood in Amsterdam? Een aantal durfals laat zich niet bangmaken en bezetten alsnog panden die al een tijd leegstaan. Bekijk hier het fragment van AT5, om te zien hoe de nieuwe garde krakers zich verschansen in leegstaande panden. 

Helmut Boeijen over 'Vrankrix en het Amst€rdamse rijk'

De vergelijking met Asterix en Obelix is onvermijdelijk: dat ene kleine dorpje dat zich te weer stelt tegen de wereld om zich heen. Een stadsdorpje in dit geval, dat zich blijft verzetten tegen het moderne Amsterdam. Gentrificatie heet de hedendaagse bedreiging, maar in wezen is dat gewoon een moderne variant op de woningnood die eind jaren zeventig het ontstaan van de kraakbeweging aanjoeg.

De linkse idealen en dwarse attitude van toen worden nog altijd gehuldigd in Vrankrijk (‘autonoom & solidair’), het bekendste kraakpand van Nederland dat tegenwoordig overigens gewoon in eigendom is van de negentien bewoners. De LGBTI-gemeenschap heeft er een thuis gevonden, vluchtelingen zijn er altijd welkom en obscure acts vinden er een podium. Onverwoestbare linkse idealen worden in het krakersbolwerk nog altijd vervat in ouderwetse of – zo je wilt – tijdloze slogans.

In Vrankrix en het Amsterdamse rijk (57 min.) portretteert Annegriet Wietsma de beweging van binnenuit, waarbij ze er enkele kleurrijke bewoners uitlicht, mensen die doelbewust de marge van de samenleving hebben opgezocht. Ze voldoen daarmee moeiteloos aan het clichébeeld dat menigeen van krakers zal hebben: met de Vranse slag onderhouden hanenkammen, verwassen T-shirts en afgetrapte legerkistjes. Voorzien van een overdaad aan opzichtige tattoos en piercings bovendien.

Hoewel Wietsma als eerste uitgebreid toegang heeft gekregen tot het doorgaans gesloten bastion, komt ze in deze toch wat magere documentaire, voorzien van schreeuwerige stripvormgeving die perfect aansluit bij de esthetiek van de beweging, ook niet veel verder: een tamelijk oppervlakkig beeld van de gedreven populatie van dat ene kleine dorpje, dat zich blijft verzetten tegen een stad die steeds nadrukkelijker in handen komt van (buitenlandse) projectontwikkelaars en investeringsmaatschappijen.