News letter

2Doc:

Onder de oppervlakte

VPRO

Hoe de Hedwigepolder de inzet werd van een emotioneel politiek spel. Een reconstructie van de onnavolgbare politieke besluitvorming rond het al dan niet onder water zetten van een polder.

Onder de oppervlakte trailer from SNG Film on Vimeo.

In 2005 tekenen Nederland en België een verdrag over de uitdieping van de Westerschelde, zodat ook de grootste zeeschepen naar de haven van Antwerpen kunnen varen. Het economisch belang van de rivier is groot, zowel voor Vlaanderen als Zuid-Nederland. Tegelijkertijd wordt afgesproken dat om de natuur te herstellen, polderland moet worden teruggegeven aan de rivier. Over de invulling daarvan lopen de emoties hoog op. Uiteindelijk spitst de discussie zich toe op de Hedwigepolder, die al dan niet onder water gezet moet worden. Nu, na tien jaar, vele rapporten en regeringen later, heeft Nederland het akkoord nog steeds niet uitgevoerd. Onder de oppervlakte doet een poging dit politieke spel vol sentimenten te doorgronden.

De Hertogin Hedwigepolder

Een langlopende kwestie

Het conflict tussen Nederland en België over de uitdieping van de Schelde, ook wel aangeduid als de Scheldekwestie, vindt zijn directe oorsprong al in 1830 met de Belgische Opstand. Door de scheiding van Nederland en België was de aanvoerroute naar de belangrijke Belgische haven Antwerpen nu in ‘buitenlands gebied’ komen te liggen. In 1839 werd het Verdrag van London getekend waarbij Nederland een vrije doorgang voor schepen naar Antwerpen moest garanderen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog besloot Nederland de Westerschelde echter toch te sluiten om haar eigen neutraliteit te bewaren. De Belgen waren hier zeer ontevreden over omdat hierdoor de Engelsen Antwerpen niet konden bereiken met versterkingen in de strijd tegen het binnengevallen Duitse leger. Na de Eerste Wereldoorlog kwam deze kwestie dan ook weer naar boven met annexatieplannen van België ten aanzien van Limburg en Zeeuws-Vlaanderen.

Op 18 januari 1919 begon in de spiegelzaal van het kasteel van Versailles de vredesconferentie die uiteindelijk zou moeten leiden tot een vredesverdrag tussen de Entente en het Duitse Rijk. Nederland nam als neutraal land geen deel aan de onderhandelingen maar hield de ontwikkelingen nauwgezet in de gaten omdat het toekomstige verdrag ook op hen van grote invloed zou zijn. Al tijdens de oorlog hadden de Belgen namelijk annexatieplannen opgesteld ten aanzien van de Nederlandse gebieden Limburg en Zeeuws- Vlaanderen. In januari 1919 legde België deze plannen voor aan de conferentie in Parijs.

In België heerste ten aanzien van Nederland een negatieve stemming. Veel Belgen vonden dat Nederland tegenover het Duitse Rijk veel te vrijgevig was geweest tijdens de Eerste Wereldoorlog. En ook in veel van de andere Entente landen stond Nederland in meer of mindere mate te boek als pro-Duits. De annexatieclaim van België berustte op zowel economische als militaire gronden. Voor België was het zeer nadelig dat de toegangswegen naar hun grootste haven Antwerpen in Nederlandse handen waren. Daarnaast zag België Limburg als een ideaal doorvoergebied van Duitse militairen en zij waren bang dat Nederland er weinig belang bij had dit gebied te verdedigen bij een eventuele invasie. Ook vanuit Groot-Brittannië en Frankrijk kwamen negatieve geluiden ten aanzien van Nederland. Onder andere omdat Nederland onderdak had verleend aan keizer Wilhelm II, en zij hem weigerden uit te leveren aan de Entente staten die hem wilden berechten voor oorlogsmisdaden.

Ondanks deze argumenten van Belgische zijde, en de ‘slechte’ naam die Nederland na de Eerste Wereldoorlog had overgehouden bij veel van de Entente landen, heeft Nederland deze annexatieclaims toch weten te pareren. In het Verdrag van Versailles werd echter wel opgenomen dat Nederland ten allen tijde de bereikbaarheid van de haven van Antwerpen moest garanderen. Bovendien zou de haven geen economische schade mogen oplopen door Nederlandse nalatigheid. De vier verdragen die Vlaanderen en Nederland in 2005 sloten rondom het beheer van de Schelde vloeit direct voort uit deze afspraken bij de Vrede van Versailles.