NCRV Dokument: Morgen kan het donker zijn

Morgen kan het donker zijn

NCRV

De 28 jarige Franka is doof geboren. In haar puberteit wordt bij haar het Syndroom van Usher geconstateerd, waardoor ze blind dreigt te worden. Ondanks dringende adviezen van haar omgeving weigert Franka na te denken over de kans dat ze volledig blind wordt.

Ze wil net als iedereen een gelukkig leven, een baan en vriendschap. De onthutsende documentaire Morgen kan het donker zijn volgt Franka in haar zoektocht naar geluk en identiteit.

Franka zit sinds haar 4e levensjaar op het doveninternaat. Nadat bij haar de diagnose Syndroom van Usher is vastgesteld, verhuist ze naar een beschermde woongroep van het doofblinden instituut, en daarna naar een zelfstandige woning met beperkte begeleiding. In haar huis hebben de meubels allemaal een vaste plek, ze kent de routes die ze door huis moet lopen. Buitenshuis is het voor haar lastiger. Franka leert met een stok te lopen, maar wil zich daarmee niet vertonen. Ze heeft moeite om haar steeds slechter wordende gezichtsvermogen te accepteren. De jaarlijkse gang naar de oogkliniek is een kwelling: Als haar ogen maar niet verder achteruit zijn gegaan.

Franka werkt voor halve dagen op een sociale werkplaats. Het werk is eentonig en frustrerend, maar langer werken is te vermoeiend. Tijdens het vouwen van dozen fantaseert ze dat ze kapster of kinderverzorgster zal worden, ze dagdroomt over een relatie met een horende partner. Het contact met de buitenwereld loopt via internet, de computer en haar mobieltje. Haar baas dreigt echter haar telefoon af te pakken omdat ze teveel sms’t.

De ouders van Franka hebben een varkensboerderij op het Brabantse platteland. Tijdens de spaarzame bezoekjes aan de boerderij voelt Franka zich eenzaam. Door het verblijf op het doveninternaat zijn Franka en haar ouders uit elkaar gegroeid. Haar moeder kan alleen vingerspellen, een eenvoudige vorm van communicatie via vingertekens. Franka legt haar uit dat je niets hebt aan vingerspellen als haar zicht verder achteruit gaat, maar haar ouders weigeren gebarentaal te leren. De ruzies met haar ouders en de dreigende blindheid brengen Franka tot het inzicht om definitief voor zichzelf te kiezen.

Er zijn in Nederland ongeveer 35.000 doofblinden, het merendeel wordt doofblind op latere leeftijd. Doofblindheid in de puberteit wordt meestal veroorzaakt door het erfelijke Syndroom van Usher. Nederland telt zo’n 1000 mensen die aan het syndroom lijden. Het syndroom kan van de een op de andere dag tot totale blindheid leiden. Doofblinden hebben er vaak moeite mee om hun ziekte te accepteren. Vaak leidt het tot depressie of tot (poging tot) suicide.

Regisseurs: Cinta Forger en Walther Grotenhuis